Big!Move methode
Programma
Dat idiote prikken met die stokken heeft me erg goed gedaan
In de wijk Venserpolder in Amsterdam Zuid-Oost werd in 2003 het programma Big!Move gestart. Marijn Aalders (fysiotherapeut)en Louis Overgoor (huisarts) zijn het project begonnen vanuit een onvrede over de kwaliteit van hun reguliere aanbod voor preventie en gezondheidsbevordering. Sindsdien helpt het programma buurtbewoners te werken aan hun eigen gezondheid met als hoofdingrediënt: plezier.
De ‘Big’ van Big!Move staat voor Beweging In Gedrag. De ‘Move’ doelt op een omslag. De Big!Move is gericht op gedragsverandering die een brugfunctie vormt tussen de eerstelijnsgezondheidszorg en de maatschappij. De huisarts in gezondheidscentrum Venserpolder heeft de mogelijkheid om patiënten die klachten hebben als overgewicht, suikerziekte, hart- en vaatziekten, spanningen, eenzaamheid en moeheid te motiveren en door te verwijzen naar Big!Move. Deze klachten hebben te maken met gedrag en leefstijl.
Het doel van Big!Move bestaat uit het helpen van buurtbewoners om invloed te krijgen op hun eigen gezondheid. Dit leidt tot een toename van eigenwaarde, kracht, plezier en beter inzicht in de eigen gezondheid. De ervaring en bewustwording bij de deelnemers dat zij invloed kunnen uitoefenen op hun eigen leven en het inzicht dat gezond gedrag meer oplevert leidt tot een meer gezonde leefstijl. Het levert meer werkplezier bij professionals op en resulteert in een afname van de zorgvraag.
Fasen
De Big!Move telt drie fasen waarin de deelnemer stapsgewijs zelfstandiger gaat bewegen. Na elke fase wordt samen met de deelnemer de afgeronde periode geëvalueerd. Het profiel wordt bekeken en bijgewerkt met de opgetreden veranderingen en de deelnemer besluit om wel of niet door te gaan naar de volgende fase. In elke les zit een stuk kennis, kunde en motivatie verweven. Kennis over gezondheid, wat is conditie, wat is gemotiveerd zijn? Kunde: hoe train je, hoe verander ik mijn gedrag, hoe ontspan je? En motivatie, wat vind ik leuk, hoe raak ik geprikkeld en wat doe ik met chaos of tegenslag? Elke fase legt een andere nadruk.
Fase 1: “Ik hoor erbij”
Er ontstaat in fase 1 (12 weken) een sterke groepsband onder intensieve begeleiding van twee begeleiders. Naast het fysieke bewegen waartoe de deelnemers worden uitgenodigd wordt de groep ook op mentaal en emotioneel niveau aangesproken. Hierbij gaat het vooral om plezier, participatie en vertrouwen. Als een deelnemer twee keer onaangekondigd afwezig is, volgt een gesprek. De eigen bijdrage voor de deelnemer is € 20 voor drie maanden. Ziektekostenverzekeraar Agis betaalt fase 1.
Fase 2: ”Wat past bij mij?”
In deze fase (12 weken) ligt de nadruk meer op het ontplooien van initiatief. Er worden gastdocenten uitgenodigd en ‘gesnuffeld’ aan andere beweegactiviteiten in de wijk. De deelnemers worden uitgedaagd actief te worden in hun omgeving. De lat ligt hoger in fase 2 dan in fase 1. De kosten zijn € 10 per maand, €30 euro in totaal, een oplopende verantwoordelijkheid voor je eigen gezondheid. Voor deze fase bestaat een cofinanciering tussen Agis Zorgverzekeringen en de locale gemeente.
Fase 3: ”Ik kan en doe”
Dit is de fase waarin de deelnemer zelfstandig blijft bewegen . Er worden verschillende activiteiten in de wijk aangeboden die gevolgd kunnen worden of men start zelf een beweeggroep. Een paar keer per jaar zijn er activiteiten waar deelnemers elkaar weer tegenkomen en waar ervaringen over het zelfstandig bewegen en nieuwe informatie kan worden uitgewisseld. De overgang van fase 2 naar fase 3, de reguliere programma’s, is verbeterd maar nog te weinig ontwikkeld. Dit wordt de komende tijd een aandachtspunt. De kosten zijn afhankelijk van de gekozen activiteit.
Een van de effecten die deelnemers ervaren van het Big!Move programma, is dat zij het gevoel hebben dat ze tot meer in staat zijn dan ze denken.
“Je doet meer, je kunt meer, je bent meer”
Fase 4: ”Ik veroorzaak”
Er zijn veel voorbeelden van deelnemers die zelf groepen of activiteiten zijn gestart, zoals een eigen wandelgroep of een avond-vierdaagse. Als ‘ex’ deelnemers zelf gaan ondernemen en activiteiten gaan organiseren behoort dit tot fase 4. Deze fase is optioneel. De organisatoren worden MegaMovers genoemd, mogelijke sleutelfiguren in de wijk.
Pijlers
|
ICF
“ik ben afgevallen, althans, zo voelt het.”
De World Health Organisation heeft twee classificatiesystemen ontwikkeld waarmee de gezondheidstoestand van een individu beschreven kan worden. De ICD, International Classification of Disease (voor de huisartsen: ICPC) en de ICF, International Classification of Functioning, Disability and Health. De ICD wordt door de huisarts gebruikt op de ZZ afdeling (Ziekte en Zorg). De ICF wordt op de GG afdeling (Gezondheid en Gedrag) gebruikt om een breed beeld te krijgen van de gezondheid van de deelnemer. Deze twee systemen vullen elkaar aan en kunnen tegelijk bij één persoon worden toegepast. De ICPC is algemeen bekend, de ICF is relatief nieuw.
De ICF is een beschrijving van het functioneren van een persoon in drie deelgebieden: lichaamsfuncties, activiteiten en participatie. Het invullen van de ICF kan worden samengevat met de volgende drie vragen: “Wat doet mijn lichaam?” “Wat doe ik met dat lichaam?” en “Wat doe ik met mijn omgeving?”
Verder zijn de persoonlijke en externe factoren van belang. Door volgens ICF systematiek naar mensen te kijken, is er niet alleen aandacht voor de ziekte of de klacht, maar ook voor de bevorderende en belemmerende factoren in iemands persoonlijk functioneren.
Bij de selectie van de patiënten voor deelname aan Big!Move wordt gebruik gemaakt van ICPC classificatie, maar bij de begeleiding van de deelnemers in het Big!Move programma gebruiken we ICF.



Artikelen (RSS)